Denk ich an Deutschland in der Nacht / dann bin ich um den Schlaf gebracht. [1844] Wij moesten in onze opvoedingsgestichten een Hollander voederen wiens van elk medeleven verstoken, welgedane vissennatuur de kinderen een afschuw van nuchterheid kan inboezemen. De fraaie stad Göttingen is op zijn aangenaamst als men er met de rug naar toe staat. [1826] Dat is mooi bij ons Duitsers. Niemand is zo gek, dat hij niet een nóg grotere gek kan vinden die begrip voor hem heeft. [1826] Kinderen kunnen zich nog herinneren hoe zij ooit zelf bomen en vogels zijn geweest en zij zijn nog in staat hen te begrijpen. Mensen als wij zijn echter al oud en wij hebben te veel zorgen, jurisprudentie en slechte verzen aan ons hoofd. [1826] God heeft het rundvee geschapen omdat bouillon de mens versterkt, hij heeft de ezels geschapen opdat de mensen zich daaraan zouden kunnen spiegelen en hij heeft de mensen-zelf geschapen opdat zij bouillon zouden kunnen drinken en zich niet als ezels zouden gedragen. [1826] De flessen werden leger en de hoofden voller. [1826] Wat mij betreft, mijn natuurvorsing heeft een eigen systeem: ik deel de dingen in naar datgene wat men kan eten en datgene wat men níét kan eten. [1826] Het is een bekend feit dat men des te beter over iets schrijft naarmate men er minder van af weet (wegens ruimtegbrek kan ik hier het grote aantal dit probleem regarderende auteurs niet noemen en bovendien heb ik op het ogenblik het adresboek van Berlijn niet bij de hand). [1826] Bomen deugen alleen maar om barricaden van te bouwen. De ijzeren gezondheid van typische kinderen-der-natuur als de Tirolers kan verklaard worden uit het feit dat die eenvoudig te stom zijn om ziek te worden. Wij willen ons graag voor het volk opofferen, want zelfopoffering behoort tot de meest geraffineerde vormen van genot. De reine, sensitieve aard van de dichter verzet zich tegen elk persoonlijk contact met het volk - en de gedachte aan zijn liefkozingen, waarvoor God ons beware, is des te afschrikwekkender. Als mij de eer zou zijn beschoren om een handdruk te krijgen van het soevereine volk dan zou ik dit lichaamsdeel onmiddellijk gaan wassen. De dichter is een wonderlijk zondagskind. Hij ziet de eikenwouden die nog in de eikels sluimeren en hij houdt tweegesprekken met nog niet geboren geslachten. Waar men boeken verbrandt, verbrandt men uiteindelijk ook mensen. [1823] Ik schrijf in alle onschuld en eenvoud wat mij in het hoofd komt, en het is niet mijn schuld als het iets intelligents is. [1827] Alles wat ik doe, is voor de verstandigen een dwaasheid en voor de dwazen een gruwel. [1827] Ook al harrewarren de Christelijke theologen nog zo erg over de betekenis van het Avondmaal, over de betekenis van het middagmaal zijn zij het volkomen eens. [1834] Ganzen hebben het kapitool gered, maar door een vrouw ging Troje te gronde. [1834] Der Zweck heiligt die Mittel. Hat doch der liebe Gott selbst, als er auf dem Berg Sinai sein Gesetz promulgierte, nicht verschmäht, bei dieser Gelegenheit tüchtig zu blitzen und zu donnern, obgleich das Gesetz so vortrefflich, so göttlich gut war, dass er füglich aller Zutat von leuchtendem Kolophonium und donnernden Paukenschlägen entbehren konnte. Aber der Herr kannte sein Publikum, das mit seinen Ochsen und Schafen und aufgesperrten Mäulern unten am Berge stand und welchem gewiss ein physikalisches Kunststück mehr Bewunderung einflössen konnte als alle Mirakel des ewigen Gedankens. [1854] In der Liebe gibt es ebenfalls, wie in der römisch-katholischen Religion, ein provisorisches Fegfeuer, in welchem man sich erst an das Gebratenwerden gewöhnen soll, ehe man in die wirkliche ewige Hölle gerät. [1854] Das wirksamste Gegengift gegen die Weiber sind die Weiber. [1854] Hoe kan een schrijver die zijn leven lang is gecensureerd, plotseling zonder de censuur werken? Het is de nekslag voor stijl, grammatica en goede zeden. [1848] Mijn vrouw en ik leven in de meest volmaakte harmonie. Dat wil zeggen: ik geef haar in alles haar zin. [1848] (tegen zijn vrouw Mathilde): Je moet na mijn dood weer een man nemen. Dan zal er althans één mens op de wereld zijn die enige malen 's daags oprecht mijn heengaan betreurt. [1849] Religie en huichelarij zijn tweelingzusters en zij lijken dermate sprekend op elkaar, dat zij onderling niet te onderscheiden zijn. Ik zag dat de dunste ziekenhuissoep der christelijke barmhartigheid altijd nog veel verkwikkender is, dan de grauwe, gekookte spinnewebben der Hegeliaanse dialectiek. [1854] De hele clerus van het atheïsme heeft zijn anathema over mij uitgesproken en deze fanatieke predikers-des-ongeloofs zouden mij graag op de pijnbank willen leggen, om mij te dwingen mijn ketterijen te bekennen. [1849] Ik was best bereid geweest, als het Vaticaans Concilie het met alle geweld had gewild, Paus te worden, want dat is tenslotte een fatsoenlijke betrekking, die bovendien een behoorlijk inkomen garandeert. [1849] Er is niets van mij terechtgekomen. Ik ben slechts een dichter. [1849] Den Himmel überlassen wir / Den Engeln und den Spatzen. [1844] Er is méér verwantschap tussen opium en geloof, dan de meeste mensen zich realiseren. [1850] De hemel is uitgevonden voor hen wie de aarde niets meer te bieden heeft. [1840] Mijn dood is een ware zegen voor de omzet der boekhandelaren. [1850] Een misvormde, krombenige schoenlappersknecht nam het woord en beweerde dat alle mensen gelijk zijn... Ik ergerde mij hevig aan deze impertinentie. Het zou nuttig zijn voor de zaak van de Duitse revolutie als onze regeringen een enkele revolutionair zouden opknopen, zodat de anderen konden zien dat de zaak werkelijk ernst was... [1840] De Engelsen zijn het meest weerzinwekkende volk, dat God in zijn toorn heeft geschapen. Engeland was allang door de oceaan verzwolgen, ware het niet dat deze bang was voor een ernstige onpasselijkheid. Ja, Madame, in Düsseldorf heb ik het levenslicht aanschouwd en ik vermeld dit met nadruk voor het geval straks, na mijn dood, zeven andere steden - Schilda, Krähwinkel, Polkwitz, Bochum, Dülken, Göttingen en Schöppenstadt - de eer zullen opeisen mijn geboortestad te zijn geweest. Schlage die Trommel und fürchte dich nicht, Und küsse die Marketenderin! Das ist die ganze Wissenschaft, Das ist der Bücher tiefster Sinn. [1844] Zu fragmentarisch ist Welt und Leben! Ich will mich zum deutschen Professor begeben. Der weiss das Leben zusammenzusetzen, Und macht ein verständlich System daraus; Mit seinen Nachtmützen und Schlafrockfetzen Stopft er die Lücken des Weltenbaus. [1824] Geen mens denkt. Op zijn best valt iemand af en toe wat in. Milde stemming. Wensen: een bescheiden onderkomen, strodak, comfortabel bed, goed voedsel, melk en (zeer verse) boter, bloemen voor het raam, voor de deur een paar mooie bomen en als de Goede God mijn geluk wil vervolmaken, laat hij mij dan het plezier doen dat aan deze bomen zo'n zes à zeven van mijn vijanden worden opgeknoopt. [1854] Je moet je vijanden vergeven, maar pas op het moment, dat zij worden terechtgesteld. [1854] Gelooft u mij, mijn levenswijze was moreler dan dat van de meeste van diegenen, die mij een amorele levenswandel verwijten. Himmlisch war's, wenn ich bezwang Meine sündige Begier. Aber wenn's mir nicht gelang, Hatt' ich doch ein gross Pläsir. Ik heb deze aanminnige mevrouw tevergeefs met mijn persoon trachten te verzoenen door haar te laten weten, dat ik eigenlijk jaloers op haar ben, omdat zij zich slechts twee keer per week behoeft te scheren, terwijl ik deze operatie dagelijks moet ondergaan. De Goede God claimt ongetwijfeld voor zichzelf de eerste plaats onder alle schepselen. Maar Shakespeare is zonder meer een goede tweede. [1855] Er zijn meer gekken op de wereld dan mensen. [1827]